ECLI:NL:RBROT:2001:AD9892
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G.M. Simons
- L.C.P. Goossens
- H.S.G. Verhoeff
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van bezwaar tegen facturering voor toekenning van telefoonnummers door OPTA
Eiseres 1 heeft bezwaar gemaakt tegen twee facturen van verweerder, de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA), voor de toekenning van geografische en niet-geografische telefoonnummers. De facturen betroffen aanzienlijke bedragen, respectievelijk f 250.000,-- en f 230.000,--. Verweerder had het bezwaar tegen de eerste factuur niet-ontvankelijk verklaard en het bezwaar tegen de tweede ongegrond.
Eiseressen voerden aan dat de vergoeding volgens de Regeling vergoedingen OPTA 1997 gemaximeerd moest zijn op f 250.000,-- per kalenderjaar voor alle toegekende nummers samen, en dat verweerder onterecht extra facturen had gestuurd. Tevens stelden zij dat het vertrouwensbeginsel was geschonden. Verweerder betwistte deze stellingen en stelde dat de vergoeding per toekenning gold.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaar tegen factuur 1742 terecht niet-ontvankelijk was verklaard omdat het te laat was ingediend. Vervolgens stelde de rechtbank vast dat de Regeling vergoedingen OPTA 1997 moet worden uitgelegd als een maximering per toekenning en niet per kalenderjaar. Dit volgt uit het retributiestelsel dat kostendekkendheid nastreeft en waarbij elke toekenning kosten met zich brengt. De rechtbank verwierp het beroep van eiseressen en bevestigde dat er geen sprake was van schending van het vertrouwensbeginsel. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseressen tegen het besluit van verweerder wordt ongegrond verklaard.