ECLI:NL:RBROT:2001:AF0512
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming en nieuwe schuldvorming
De rechtbank Rotterdam heeft op 11 oktober 2001 uitspraak gedaan over de voortzetting van een schuldsaneringsregeling. Tijdens de verificatievergadering op 27 september 2001 en de zitting van 9 oktober 2001 bleek dat de schuldenaar niet voldeed aan zijn verplichtingen, waaronder het niet afdragen van inkomen boven het vrij te laten bedrag aan de boedel. Tevens ontstond een nieuwe schuld aan de Belastingdienst door fiscale bijtelling van een lease-auto.
De rechter-commissaris had eerder vastgesteld dat het vrij te laten inkomen van de schuldenaar f.1.513,93 bedroeg, een bedrag dat niet was gewijzigd omdat de schuldenaar onvoldoende bewijs leverde voor een hoger vrij te laten bedrag. De schuldenaar weigerde het volledige bedrag boven dit vrij te laten inkomen af te dragen, waardoor een achterstand van ruim f 20.000,- ontstond. Daarnaast bleek de schuldenaar onvoldoende mee te werken en informatie te verstrekken aan de bewindvoerder en rechter-commissaris.
Gelet op deze tekortkomingen en het ontstaan van nieuwe schulden, concludeerde de rechtbank dat de schuldsaneringsregeling niet langer kan worden voortgezet. De regeling wordt beëindigd op grond van artikel 350 lid 3 sub c en Pro d Faillissementswet. De schuldenaar verkeert vanaf het moment dat deze uitspraak in kracht van gewijsde treedt in staat van faillissement. De rechtbank benoemt een curator en een rechter-commissaris en stelt het salaris van de bewindvoerder en de kosten van publicaties vast, die ten laste van de boedel komen.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling en stelt het faillissement van de schuldenaar vast met benoeming van curator en rechter-commissaris.