ECLI:NL:RBROT:2002:AE5177
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T.F. van der Lugt
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing aanscherping bedieningsregime bruggen op basis van NEN-norm 6786
Eisers maakten bezwaar tegen het besluit van de minister van Verkeer en Waterstaat om het bedieningsregime van drie bruggen aan te scherpen, waardoor deze bij windkracht 7 Beaufort of hoger niet meer bediend mogen worden. Zij stelden dat het besluit in strijd was met de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, dat de NEN-norm 6786 onjuist en onnodig werd toegepast, en dat er onvoldoende belangenafweging had plaatsgevonden.
De rechtbank overwoog dat de Wet beheer rijkswaterstaatswerken niet van toepassing is op het scheepvaartverkeer als openbaar vervoer en dat het besluit een beheersmaatregel betreft gericht op de instandhouding van de bruggen. De NEN-norm 6786, hoewel primair bedoeld voor nieuwbouw, mag ook voor bestaande bruggen worden toegepast als technische standaard. De belangen van de beroepsvaart en recreatievaart zijn meegewogen, waarbij het nadeel van stremmingen als maatschappelijk risico wordt gezien.
De rechtbank concludeerde dat het bestreden besluit een voldoende wettelijke basis heeft, de belangenafweging adequaat is gemaakt en dat het beroep ongegrond moet worden verklaard. Eisers kunnen tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het aanscherpen van het bedieningsregime van de bruggen wordt ongegrond verklaard.