ECLI:NL:RBROT:2002:AF2989
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake openbaarmaking vertrouwelijke documenten NMa
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening door Snitjer B.V. en BAM NBM Wegenbouw Noordoost B.V. tegen de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (dg-NMa). Verzoeksters maakten bezwaar tegen een brief van 6 december 2002 waarin de dg-NMa aankondigde bepaalde documenten openbaar te maken, omdat het beroep op vertrouwelijkheid onvoldoende was gemotiveerd.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de brief van 6 december 2002 geen besluit is in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De terinzagelegging van documenten op grond van artikel 60, tweede lid, van de Mededingingswet (Mw) is een feitelijke handeling zonder publiekrechtelijk rechtsgevolg. Ook de mededeling over niet-terinzagelegging van vertrouwelijke gegevens is geen besluit.
Verder blijkt uit de wetsgeschiedenis dat de wetgever alleen in specifieke gevallen een beschikking van de dg-NMa voorschrijft die bezwaar en beroep mogelijk maakt. Omdat hier geen beschikking is gegeven, is de brief geen besluit en is het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen zonder zitting en zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de openbaarmaking van documenten door de dg-NMa wordt afgewezen omdat de brief geen besluit is.