ECLI:NL:RBROT:2003:AH9783
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- P. van Zwieten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen aanwijzingen wegens twijfel aan betrouwbaarheid bestuurders beleggingsinstellingen
De rechtbank Rotterdam behandelde op 20 mei 2003 een verzoek om voorlopige voorziening tegen besluiten van de Autoriteit Financiële Markten (verweerster) die op 14 april 2003 aanwijzingen gaf aan meerdere beleggingsinstellingen. Deze aanwijzingen betroffen het onmiddellijk treffen van maatregelen om te voorkomen dat bepaalde bestuurders, onder wie verzoekers I en II, feitelijk of formeel het beleid bepaalden, vanwege twijfels over hun betrouwbaarheid.
De twijfel aan de betrouwbaarheid van verzoekers vloeit voort uit strafrechtelijke verdenkingen van handel met voorwetenschap en het feitelijk leidinggeven aan verboden gedragingen binnen de beleggingsinstellingen. De toezichthouder baseerde haar oordeel op informatie van het Openbaar Ministerie, verhoren door de FIOD, en beleidsregels inzake betrouwbaarheidstoetsing. Verzoekers betwistten de verdenkingen en stelden dat de toezichthouder haar beoordelingsruimte had overschreden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de toezichthouder op juiste gronden had geoordeeld dat de betrouwbaarheid van verzoekers niet buiten twijfel stond, mede gelet op de strafrechtelijke verdenkingen en het belang van bescherming van beleggers. De rechtbank zag geen reden om de voorlopige voorziening toe te wijzen en wees het verzoek af. De bestreden besluiten zullen naar verwachting in bezwaar standhouden.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de aanwijzingen van de toezichthouder wordt afgewezen.