ECLI:NL:RBROT:2003:AN7536
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen weigering vergunning plaatsen bedrijfsafvalcontainer
De zaak betreft een verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit van het dagelijks bestuur van de Centrumraad Rotterdam om de vergunningaanvraag van verzoekster voor het plaatsen van een bedrijfsafvalcontainer in de openbare ruimte te weigeren. Dit besluit is genomen op basis van de beleidsregel 'plaatsen bedrijfsafvalcontainers', die het plaatsen van bovengrondse containers op de weg verbiedt vanwege overlast en verstoring van de verkeers- en verblijfsfunctie.
Verzoekster maakte bezwaar tegen het besluit en vroeg om schorsing ervan. De voorzieningenrechter oordeelde dat het besluit bevoegd is genomen en dat de beleidsregel niet kennelijk onjuist of onredelijk is. De beleidsregel is een uitwerking van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en strookt met de daarin genoemde weigeringsgronden. Verweerder heeft echter nagelaten om bij de aanvraag de mogelijkheid van bijzondere omstandigheden te onderzoeken zoals voorgeschreven in artikel 4:84 van Pro de Awb.
Desondanks achtte de voorzieningenrechter dit gebrek niet voldoende om de voorlopige voorziening toe te wijzen. Verzoekster kon ook gebruik maken van alternatieve voorzieningen voor afvalopslag en er was geen sprake van machtsmisbruik of strijd met de Warenwet. De voorzieningenrechter concludeerde dat het bestreden besluit naar verwachting in stand zal blijven en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de weigering van de vergunning voor het plaatsen van een bedrijfsafvalcontainer wordt afgewezen.