ECLI:NL:RBROT:2004:AR5412
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. de Wildt
- J.W. van de Gronden
- Y.E. de Muynck
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-toepassing Mededingingswet op Wet BIG en CONO
De Nederlandse Associatie voor Psychotherapie (NAP) klaagde bij de Nederlandse Mededingingsautoriteit over de bevoorrechte positie van psychotherapeuten onder de Wet BIG, die volgens haar concurrentie belemmert en innovatie blokkeert. De klacht werd afgewezen, waarna NAP bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank Rotterdam.
De rechtbank beoordeelde of de Mededingingswet (Mw) van toepassing is op de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en het Coördinerend Orgaan Nascholing en Opleiding (CONO) in het kader van de Wet BIG. De rechtbank concludeerde dat de Minister handelt op grond van overheidsgezag en niet als onderneming, en dat het CONO, hoewel adviserend, geen onderneming of ondernemersvereniging is.
De rechtbank verwees naar jurisprudentie van het Hof van Justitie die stelt dat overheidsactiviteiten zonder economisch karakter niet onder de mededingingsregels vallen. Ook het feit dat de Minister niet gebonden is aan het CONO-advies en zelf de bevoegdheid behoudt, versterkt dit oordeel.
Gelet op deze overwegingen verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde dat de Mededingingswet niet van toepassing is op de door NAP bestreden besluiten en het CONO. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van de Nederlandse Associatie voor Psychotherapie wordt ongegrond verklaard omdat de Mededingingswet niet van toepassing is op de Wet BIG en het CONO.