ECLI:NL:RBROT:2004:AR6190
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bijstandverlaging wegens eigen toedoen arbeid niet behouden
Eiser vroeg op 13 januari 2003 bijstand aan op grond van de Algemene bijstandswet (Abw). Verweerder kende bijstand toe met ingang van 9 januari 2003, maar legde een maatregel op waarbij de bijstand gedurende een maand met 100% werd verlaagd omdat eiser onvoldoende had gedaan om de loonstopzetting door zijn werkgever ongedaan te maken.
Eiser betoogde dat hij geen deskundigenoordeel kon vragen omdat de bedrijfsarts zijn ziekmeldingen niet accepteerde en dat hij alles had gedaan om de loonopschorting te bestrijden. Verweerder handhaafde het besluit, stellende dat eiser door eigen toedoen bijstandsafhankelijk was geworden.
De rechtbank oordeelde dat de Abw van toepassing is en dat bijstand wordt toegekend vanaf de datum van melding bij het CWI. De maatregel was terecht opgelegd omdat eiser geen deskundigenoordeel had gevraagd, wat als eigen toedoen werd aangemerkt. Echter, verweerder had onvoldoende gemotiveerd waarom een volledige weigering van bijstand passend was, gezien de persoonlijke omstandigheden van eiser.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot verlaging van de bijstand wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.