ECLI:NL:RBROT:2004:AS9142
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. de Wildt
- J.W. van de Gronden
- Y.E. de Muynck
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken persoonlijk belang bij klacht mededingingsbesluit
Eiseres, een erkend maar niet-gecertificeerd elektrotechnisch installatiebedrijf, diende een klacht in tegen Nederlandse energiebedrijven wegens vermeende overtreding van het mededingingsverbod in de Mededingingswet (Mw). Verweerder, de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit, wees de aanvraag van EnergieNed om ontheffing van het mededingingsverbod en de klacht van eiseres af. Eiseres maakte bezwaar tegen deze besluiten, dat werd afgewezen, waarna zij beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank onderzocht of eiseres als belanghebbende kon worden aangemerkt bij de besluiten. Hoewel eiseres een objectief bepaalbaar en actueel belang had vanwege het onderscheid tussen gecertificeerde en niet-gecertificeerde installateurs en de financiële gevolgen daarvan, oordeelde de rechtbank dat dit belang niet in rechtens relevante mate verschilde van dat van andere erkende installatiebedrijven. Hierdoor ontbrak het aan het vereiste persoonlijk belang om als belanghebbende te worden beschouwd.
De rechtbank stelde vast dat eiseres niet in een concurrerende positie staat ten opzichte van de energiebedrijven die de regeling hanteren. Op basis van jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak en het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen concludeerde de rechtbank dat eiseres ten onrechte als belanghebbende was aangemerkt en dat het bezwaar ten onrechte ontvankelijk was verklaard.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht aan eiseres.
Uitkomst: Het bezwaar van eiseres wordt alsnog niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van persoonlijk belang.