ECLI:NL:RBROT:2004:BB1838
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.F. Lubberink
- Rechtspraak.nl
Nakoming huurovereenkomst en schadevergoeding wegens niet-gerenoveerde woonruimte
Eisers hebben een huurovereenkomst met gedaagde voor een woning die gerenoveerd zou worden opgeleverd. De oorspronkelijke huur van een ander pand werd beëindigd vanwege vergunningproblemen. Na een kort geding werd overeengekomen dat eisers de woning aan de [locatie 2] zouden huren, maar gedaagde stelde de woning pas in maart 2004 beschikbaar en deze was niet conform de afspraken gerenoveerd.
Eisers weigerden de woning vanwege de slechte staat en sommeerden gedaagde tot nakoming. Gedaagde voldeed hier niet aan, waarop eisers nakoming en schadevergoeding vorderden. Tijdens de procedure werd een regeling getroffen die niet inhield dat een nieuwe huurovereenkomst tot stand kwam, waarbij eisers de vrijheid wilden behouden de woning niet te accepteren.
Gedaagde stelde zich primair op het standpunt dat de kantonrechter onbevoegd was en subsidiair dat de vorderingen niet-ontvankelijk of ongegrond waren. Tevens stelde gedaagde dat het pand inmiddels aan derden was verhuurd, waardoor nakoming en dwangsommen niet opportuun zijn.
De kantonrechter bepaalde dat partijen op een comparitie moesten verschijnen om nadere inlichtingen te verstrekken over de huurovereenkomst en de renovatiewerkzaamheden, met de verplichting relevante stukken en foto's tijdig te overleggen.
Uitkomst: Partijen worden opgeroepen voor een comparitie om nadere inlichtingen te verstrekken en stukken te overleggen.