ECLI:NL:RBROT:2005:AT7228
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P.G. Poell
- Rechtspraak.nl
Ontruiming ambtswoning predikant na beëindiging ambtelijke relatie
De zaak betreft een geschil tussen de Hervormde Gemeente en haar voormalige predikant over het gebruik van de ambtswoning (pastorie). De predikant was sinds 1983 verbonden aan de Hervormde Gemeente en woonde in de pastorie. Na de oprichting van de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) per 1 mei 2004 werd de predikant uit zijn ambt ontheven en verloor hij zijn verbinding met de gemeente.
De Hervormde Gemeente vordert ontruiming van de pastorie omdat zij deze aan een nieuwe predikant wil aanbieden. De predikant betwist dit en stelt onder meer dat het besluit tot ontheffing onrechtmatig is en dat hij aanspraak kan maken op huurbescherming, omdat sprake zou zijn van een overeenkomst met wederzijdse rechten en plichten.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de ambtswoning onlosmakelijk verbonden is met het ambt van predikant en dat de relatie tussen partijen is geëindigd. Er is geen huurovereenkomst en dus geen huurbescherming van toepassing. Gezien het spoedeisend belang van de Hervormde Gemeente en het feit dat de predikant zonder recht of titel in de pastorie verblijft, wordt de ontruiming binnen zes weken bevolen. De predikant draagt de proceskosten.
Uitkomst: De voormalige predikant is veroordeeld om de ambtswoning binnen zes weken te ontruimen en te verlaten.