ECLI:NL:RBROT:2005:AT7247
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Hofmeijer-Rutten
- Fiege
- Daalmeijer
- Rechtspraak.nl
Strafrechtelijke beoordeling van bouwfraude en mededingingsrechtelijke overtredingen in de bouwsector
Deze strafzaak betreft de vervolging van een vennootschap voor betrokkenheid bij bouwfraude, waaronder oplichting en deelname aan een criminele organisatie via egalisatiefondsen in de bouwsector. De feiten betreffen onder meer verboden vooroverleg en het vervalsen van bedrijfsadministraties.
De rechtbank oordeelt dat de tenlastelegging partieel nietig is vanwege onduidelijkheden en dat bepaalde feiten verjaard zijn, waardoor het OM niet ontvankelijk is voor die feiten. Daarnaast verklaart de rechtbank het OM niet ontvankelijk voor mededingingsrechtelijke vergrijpen gepleegd vanaf 1 januari 1998, omdat die bestuursrechtelijk worden gehandhaafd.
Bewijsuitsluiting wordt toegepast op het computerbestand c13.xls vanwege onrechtmatige verkrijging via de parlementaire enquêtecommissie. De betrouwbaarheid van de Bosadministratie wordt met voorzichtigheid gehanteerd, waarbij alleen door andere bewijsmiddelen ondersteunde gegevens worden gebruikt.
De rechtbank spreekt verdachte vrij van valsheid in geschrifte en het vervalsen van bedrijfsadministraties voor zover deze betrekking hebben op de schaduwadministraties. Wel wordt bewezen verklaard dat de vennootschap deelnam aan een criminele organisatie gericht op het vervalsen van concurrentie bij aanbestedingen. De vennootschap wordt veroordeeld tot een geldboete van €45.000, mede gelet op haar integriteitsbeleid en eerdere onbestrafte status.
Uitkomst: Verdachte vennootschap veroordeeld tot een geldboete van €45.000 wegens deelname aan een criminele organisatie en oplichting; vrijspraak voor overige feiten.