ECLI:NL:RBROT:2005:AT7772
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rutten
- Van der Ven
- Van der Bijl-de Jong
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak medeplegen gekwalificeerde doodslag, veroordeling poging ripdeal met dood tot gevolg
Op 22 november 2004 werd een ripdeal beraamd waarbij het slachtoffer werd gelokt om een kilo cocaïne te leveren. Tijdens de poging werd het slachtoffer met een vuurwapen op het hoofd geslagen, waarbij een schot viel dat uiteindelijk leidde tot zijn overlijden na twee weken coma.
De rechtbank oordeelde dat het primair ten laste gelegde, medeplegen van gekwalificeerde doodslag, niet wettig en overtuigend bewezen kon worden omdat geen gemeenschappelijk opzet op levensberoving kon worden vastgesteld. Verdachte verbleef in de woning en was niet op de hoogte van het plan om het slachtoffer te doden.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte medepleegde aan de poging tot diefstal met geweld, voorafgaand aan de ripdeal, waarbij het slachtoffer werd bedreigd en mishandeld. Verdachte had kennis van het vuurwapen en zag toe zonder zich te distantiëren.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 12 maanden op, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, rekening houdend met de ernst van het feit en eerdere veroordelingen van verdachte. Tevens werd verdachte veroordeeld tot schadevergoeding van €8.562,96 aan de benadeelde partij.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam op 14 juni 2005 na terechtzittingen op 24 en 31 mei 2005.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van medeplegen gekwalificeerde doodslag, veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf (waarvan 5 maanden voorwaardelijk) voor poging ripdeal met geweld en dood tot gevolg, en veroordeeld tot schadevergoeding.