ECLI:NL:RBROT:2005:AT8219
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering bouwvergunning wegens onjuiste welstandstoetsing
Eiser had zonder vergunning een tuinhuis en terras geplaatst en diende later een bouwaanvraag in voor een verkleinde schuur. De gemeente weigerde de vergunning op grond van strijd met de redelijke eisen van welstand, gebaseerd op een negatief advies van de welstandscommissie.
De bezwaar- en beroepscommissie toetste het bezwaar aan een nieuwe welstandsnota en concludeerde dat de eerdere beoordeling geen materieel verschil opleverde, waarna het bezwaar ongegrond werd verklaard. Eiser stelde dat deze commissie niet deskundig was om de welstandstoets uit te voeren en dat de aanvraag had moeten worden terugverwezen naar de welstandscommissie.
De rechtbank oordeelt dat de bezwaar- en beroepscommissie niet bevoegd noch deskundig is om een welstandstoets uit te voeren en dat artikel 6:22 Awb Pro niet van toepassing is omdat het ontbreken van een welstandsbeoordeling geen vormvoorschrift betreft maar een inhoudelijke beoordeling. Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd.
De gemeente wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. De uitspraak is gedaan door rechter A. Verweij op 20 juni 2005.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de bouwvergunning wordt vernietigd.