ECLI:NL:RBROT:2005:AT8353

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
27 januari 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
566033
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • A.G. Mülder
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenvonnis over betwisting energieverbruik en meterstanden in civiele procedure

Eneco Energie Services B.V. vordert van gedaagde betaling van kosten voor energieverbruik. Gedaagde betwist de juistheid van de geregistreerde meterstanden en stelt dat de meters onnauwkeurig zijn, mede omdat hij zelf nauwelijks aanwezig was en energiebesparende maatregelen heeft genomen. Tevens betwist gedaagde de hoogte van de betalingsachterstand en enkele kostenposten.

Eiseres acht het onwaarschijnlijk dat de meters niet goed functioneren en heeft geen reden om aan de meterstanden te twijfelen. Gedaagde kan financieel geen onafhankelijke controle van de meters laten uitvoeren en betaalt onder protest een aflossingsbedrag.

De kantonrechter acht het wenselijk om de zaak met partijen nader te bespreken en gelast een comparitie waarbij partijen schriftelijke stukken en specificaties dienen te overleggen. De zitting is vastgesteld op 17 februari 2005.

Dit tussenvonnis is bedoeld om nadere informatie te verkrijgen en partijen in de gelegenheid te stellen hun standpunten mondeling toe te lichten, alvorens verdere beslissing te nemen.

Uitkomst: Comparitie gelast voor nadere toelichting en overleg van stukken over betwisting energiekosten.

Uitspraak

Uitspraak : 27 januari 2005
RECHTBANK ROTTERDAM
sector kanton
VONNIS
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Eneco Energie Services B.V., h.o.d.n. Eneco Energie
gevestigd te Rotterdam,
eiseres bij exploot van dagvaarding van 24 juni 2004,
gemachtigde Flanderijn & Van Eck,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats],
gedaagde,
gemachtigde mr. J.C. Hardam.
Het verloop van de procedure
Het verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken waarvan de kantonrechter kennis heeft genomen:
- exploot van dagvaarding met specificatie;
- conclusie van antwoord met productie 1 t/m 6;
- conclusie van repliek/ akte; en
- conclusie van dupliek met productie 7 t/m 9.
De stellingen van eiseres
Eiseres heeft - zakelijk weergegeven - gevorderd de overeenkomst tussen partijen te ontbinden, gedaagde te bevelen medewerking te verlenen aan het opnemen van de meterstanden en het onderbreken van de energielevering door eiseres dan wel de terugname van de ter beschikking gestelde meetinrichting dan wel werknemers van eiseres toe te laten voor het onderbreken van de energietoevoer, en gedaagde te veroordelen tot betaling van de in de dagvaarding genoemde bedragen, alles met veroordeling van gedaagde in de kosten van de procedure.
Eiseres acht het hoogst onwaarschijnlijk dat de meters niet goed zouden functioneren en heeft geen redenen om aan te nemen dat de meterstanden niet zouden kloppen. Dientengevolge heeft zij ook geen redenen om aan de hoogte van de betalingsachterstand van gedaagde te twijfelen.
De stellingen van gedaagde
Gedaagde betwist de vordering van eiseres. Van meet af aan heeft gedaagde zijn vraagtekens gezet bij het door Eneco geregistreerde energieverbruik. Dit wegens het feit dat hij zelf overdag niet of nauwelijks aanwezig was en is op het aansluitadres, hij vergaande energiebesparende maatregelen heeft genomen en de omstandigheid dat de vorige contractant een veel lager energieverbruik had. Indien men de correctienota d.d. 6 december 2004 op de eindafrekening over de gebruiksperiode 4 december 2002 tot en met 10 december 2003 vergelijkt met de eindafrekening over de gebruiksperiode 2 januari 2002 tot en met 3 december 2002, dan kan moeilijk volgehouden worden dat er niets schort aan de nauwkeurigheid van de meters althans dat er geen grote vraagtekens zijn te plaatsen bij de gevorderde bedragen. Voor gedaagde is het financieel niet haalbaar om de meter(s) te laten controleren/ijken door een onafhankelijk laboratorium.
Gedaagde meent trouw aan zijn betalingsverplichtingen te hebben voldaan en er zou dus ook geen sprake moeten zijn van enige betalingsachterstand, althans wat betreft de maandelijkse termijnbedragen. Zoals door eiseres is bevestigd in haar brief van 21 februari 2003, bedraagt de maandelijkse termijnbedrag €.139,00 en niet €.253,00. Onder protest betaalt gedaagde al geruime tijd maandelijks een aflossingsbedrag van €.50,00.
Tevens betwist gedaagde de verschuldigdheid van een bedrag van €.133,44 opgenomen in de eindafrekeningen voor 2003 voor aansluiting op het kabelnet, omdat de aansluiting op 12 juni 2003 is onderbroken.
Voorlopige beoordeling
De kantonrechter acht het gewenst de zaak met partijen te bespreken. Daarbij kunnen partijen de nodige informatie verstrekken. Daartoe wordt een comparitie van partijen gelast.
Eiseres dient een specificatie te verstrekken van haar vordering zoals opgenomen in de brief van 18 juni 2004, in dier voege dat per maand wordt aangegeven wat gedaagde verschuldigd is en wat gedaagde die maand heeft betaald.
Alle bescheiden die op de zaak betrekking (kunnen) hebben en die nog niet in het geding zijn gebracht dienen door de partij, die deze ter gelegenheid van de comparitie ter sprake wil brengen, uiterlijk drie werkdagen voor de zitting aan de kantonrechter en aan de wederpartij te worden toegezonden.
Indien één van de partijen verhinderd is op de op de in het dictum bepaalde datum, dient deze partij dit uiterlijk 9 februari 2005 aan de kantonrechter onder opgave van redenen te berichten, onder vermelding van de zittingsdatum en het zaaknummer. Daarbij dient opgave gedaan te worden van de verhinderdata van beide partijen voor de komende drie maanden.
Beslissing
De kantonrechter, alvorens verder te beslissen,
bepaalt dat elk van partijen (in persoon of behoorlijk vertegenwoordigd en desgewenst met haar gemachtigde) op 17 februari 2005 om 10.30 uur zal verschijnen ter zitting van de kantonrechter mr. A.G. Mülder. De zitting zal plaatsvinden in het gerechtsgebouw, Wilhelminaplein 100 te Rotterdam (melden in het rode gebouw B).
Dit vonnis is gewezen door mr. A.G. Mülder en uitgesproken ter openbare terechtzitting.