ECLI:NL:RBROT:2005:AU0343
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging doorhaling cliëntenremisier na onjuiste betrouwbaarheidstoets en gezag van gewijsde
Eiseres, een vennootschap onder firma, werd door verweerster uit het register van cliëntenremisiers doorgehaald op grond van overtredingen van de Wet toezicht effectenverkeer 1995 (Wte 1995). Na een eerdere uitspraak waarin het primaire besluit was vernietigd, nam verweerster een nieuw besluit (besluit II) dat eveneens de doorhaling handhaafde, deels op andere gronden.
De rechtbank oordeelde dat verweerster het gezag van gewijsde van de eerdere onherroepelijke uitspraak had miskend door overtredingen toe te rekenen aan eiseres voor de datum van haar inschrijving als cliëntenremisier. De betrouwbaarheidstoets was gebaseerd op onjuiste feiten, met name de onjuiste aanname dat eiseres al vanaf 1999 als cliëntenremisier stond ingeschreven.
Desondanks achtte de rechtbank het aannemelijk dat de beleidsbepalers van eiseres, [A] en [B], betrokken waren bij overtredingen van de Wte 1995 buiten de inschrijving om, waardoor de doorhaling gerechtvaardigd bleef. De rechtbank vernietigde besluit II, maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand en veroordeelde verweerster tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, besluit II wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.