ECLI:NL:RBROT:2005:AU7067
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rutten
- Poiesz
- Van Reekum
- Rechtspraak.nl
Gevangenisstraf en TBS met voorwaarden voor groepsverkrachting door minderjarige verdachte
De rechtbank Rotterdam heeft op 29 november 2005 uitspraak gedaan in een zaak waarin verdachte, geboren in 1986, werd beschuldigd van meerdere verkrachtingen en ontuchtige handelingen met minderjarige meisjes. De feiten, gepleegd zowel toen verdachte minderjarig als meerderjarig was, werden in één vonnis behandeld en het sanctierecht voor volwassenen werd toegepast vanwege de ernst van de feiten en de persoonlijkheid van verdachte.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte samen met anderen meerdere meisjes, waaronder een twaalfjarig slachtoffer, onder dwang en geweld heeft verkracht en ontuchtige handelingen heeft verricht. De verdediging voerde aan dat sommige seksuele contacten vrijwillig waren, maar de rechtbank verwierp dit op basis van verklaringen en ondersteunend bewijs. Daarnaast werd het verweer dat het zou gaan om seks tussen jongeren verworpen vanwege het significante leeftijdsverschil en de aard van de handelingen.
Psychiatrisch en psychologisch onderzoek toonde aan dat verdachte leed aan een gedragsstoornis met antisociale en narcistische trekken en een gebrek aan empathie, en licht verminderd toerekeningsvatbaar was. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 2 jaar op, met aftrek van voorarrest, en gelastte TBS met voorwaarden, waaronder behandeling en begeleiding door reclassering en een forensische polikliniek.
De rechtbank kende aan twee benadeelde partijen een voorschot toe van elk €1500,- wegens immateriële schade en veroordeelde verdachte in de proceskosten. De overige schadevorderingen werden niet-ontvankelijk verklaard en dienen bij de burgerlijke rechter te worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 2 jaar gevangenisstraf en TBS met voorwaarden wegens meerdere verkrachtingen en ontucht met minderjarige meisjes.