ECLI:NL:RBROT:2005:AU8549
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en schadevergoeding na aanrijding met betwisting causale verband en schadeomvang
In december 1996 vond een aanrijding plaats waarbij eiser met zijn auto werd aangereden door gedaagde, terwijl hij stil stond voor een rood verkeerslicht. Eiser vordert vergoeding van gederfde inkomsten, immateriële schade en proceskosten van zowel gedaagde als diens verzekeraar.
Gedaagde en verzekeraar betwisten het causale verband tussen de aanrijding en de door eiser gestelde schade, evenals de aard en omvang van de schade. Tevens wordt betwist of gedaagde verzekerd was ten tijde van het ongeval.
De rechtbank constateert dat de datum in de dagvaarding een verschrijving betreft en dat de aanrijding op 31 december 1996 heeft plaatsgevonden. De rechtbank acht de stellingen van eiser onvoldoende concreet en onderbouwd om op dit moment tot bewijslevering over te gaan.
Eiser wordt daarom in de gelegenheid gesteld zijn stellingen nader te onderbouwen met verificatoire bescheiden, waaronder medische dossiers en bewijs van beperkingen in zijn werk. Gedaagde en verzekeraar krijgen vervolgens de mogelijkheid hierop te reageren.
De rechtbank houdt verdere beslissing aan en verwijst de zaak naar een volgende rolzitting voor het nemen van nadere stukken.
Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan en geeft eiser gelegenheid zijn schade nader te onderbouwen.