ECLI:NL:RBROT:2006:AV6122
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken besluit premierestitutie
Eiseres verzocht om restitutie van premies over de jaren 1997 tot en met 2002 of maakte bezwaar tegen de premievaststelling over die jaren. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. Eiseres stelde beroep in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring.
De rechtbank stelde vast dat er geen besluit was genomen op het verzoek om premierestitutie, en dat het beroepschrift zich uitsluitend richtte op een veronderstelde afwijzing van dat verzoek. Omdat het bezwaar alleen betrekking had op de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de premievaststelling, was het beroep niet-ontvankelijk.
De rechtbank merkte op dat verweerder alsnog een beslissing op het restitutieverzoek moet nemen en verwees naar jurisprudentie over de toepassing van artikel 11, vierde lid, van de Coördinatiewet Sociale Verzekeringen en artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank wees het beroep af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat geen besluit is genomen op het verzoek om premierestitutie.