ECLI:NL:RBROT:2006:AV7605
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid executeur-testamentair exclusief voor rechtsvorderingen over nalatenschap
In deze civiele zaak staat centraal de vraag wie bevoegd is om namens de nalatenschap van wijlen Y in rechte op te treden. X, notaris en eiser in conventie, vordert terugbetaling van een bedrag dat hij aan de curator heeft betaald om executoriale verkoop van onroerende zaken te voorkomen. Gedaagden zijn erfgenamen van wijlen Y, die de nalatenschap beneficiair hebben aanvaard, en worden in reconventie aangesproken door Y.
De rechtbank stelt vast dat de leveringsakte van de onroerende zaken niet in het Kadaster is ingeschreven, waardoor geen eigendomsovergang heeft plaatsgevonden. De curator heeft executoriaal beslag gelegd op de onroerende zaken, waarna X een bedrag betaalde om executoriale verkoop te voorkomen. X vordert dit bedrag terug van de erfgenamen, maar de rechtbank oordeelt dat volgens artikel 4:145 lid 2 BW Pro alleen de executeur-testamentair bevoegd is om namens de nalatenschap in rechte op te treden.
Omdat P als executeur-testamentair deze exclusieve bevoegdheid heeft, zijn zowel X als Y niet-ontvankelijk in hun respectievelijke vorderingen tegen de erfgenamen. De rechtbank wijst de vorderingen af en compenseert de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Beide partijen worden niet-ontvankelijk verklaard wegens exclusieve bevoegdheid van de executeur-testamentair.