ECLI:NL:RBROT:2006:AW4577
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding koopovereenkomst schip en zorgplicht bij teruggave in oorspronkelijke staat
De rechtbank Rotterdam behandelde een zaak waarin de koopovereenkomst van een stalen Polariskruiser uit 1976 werd ontbonden wegens wanprestatie door de verkoper. De verkoper, Friesche Jachtcentrale Heeg B.V. (FJH), had de koopprijs terugbetaald nadat de rechtbank Leeuwarden de overeenkomst had ontbonden vanwege een ontbrekende roeraanslag en een gescheurd motorblok.
FJH vorderde vervolgens schadevergoeding omdat het schip niet in dezelfde staat was teruggegeven als bij ontvangst. De taxateur stelde vast dat het schip in slechte staat verkeerde, met onder andere roestvorming, verouderde raamrubbers en een grotendeels gedemonteerde motor. De koper erkende de gebreken, behalve dat het motorblok niet was gemonteerd, wat volgens de rechtbank niet onder zijn zorgplicht viel omdat herstel noodzakelijk was.
De rechtbank oordeelde dat de koper vanaf het moment dat hij rekening moest houden met ontbinding (29 september 1999) als zorgvuldig schuldenaar zorg moest dragen voor het behoud van het schip, maar alleen eenvoudige onderhoudswerkzaamheden hoefde te verrichten. De rechtbank stelde dat FJH de bewijslast draagt dat de gebreken bij levering niet aanwezig waren en besloot verdere bewijslevering toe te staan. De zaak werd aangehouden voor bewijslevering en nader onderzoek.
Uitkomst: De rechtbank wijst het deel van de vordering af dat ziet op het terugplaatsen van het motorblok en houdt de zaak aan voor bewijslevering over de staat van het schip bij levering.