ECLI:NL:RBROT:2006:AW5184
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van de Grampel
- Rutten
- Geurts-de Veld
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot moord en poging tot doodslag na incidenten in Rotterdam
Op 26 april 2005 sneed verdachte een man in de nek tijdens een conflict in de hal van het Centraal Station Rotterdam, waarbij sprake was van poging tot doodslag. Verdachte handelde met voorwaardelijk opzet. Op 12 juli 2005 schoot verdachte vanuit zijn woning meerdere keren op personen die hem kort daarvoor hadden beschoten, wat leidde tot bewezenverklaring van poging tot moord en poging tot doodslag met voorbedachten rade.
De rechtbank verwierp het verweer van verdachte dat hij handelde uit noodweer of noodweerexces. De situatie van noodweer eindigde toen verdachte zich in veiligheid bracht in zijn woning en bewust de confrontatie opnieuw opzocht door met een vuurwapen naar buiten te gaan en te schieten. De rechtbank achtte het handelen van verdachte een daad van eigenrichting en wraak.
De strafmaat werd mede bepaald aan de hand van een forensisch psychologisch rapport waarin sprake was van een licht tot verminderde toerekeningsvatbaarheid. Verdachte had geen eerdere veroordelingen en vertoonde geen verhoogde recidivekans. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 36 maanden op, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden omtrent reclassering.
De rechtbank concludeerde dat verdachte strafbaar is en dat de feiten ernstig zijn, mede gezien de impact op slachtoffers en de samenleving. De opgelegde straf weerspiegelt de ernst van de feiten en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, wegens poging tot moord en poging tot doodslag.