ECLI:NL:RBROT:2006:AW9820
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L. de Loor-Alwin
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot overlegging aanvullende stukken in civiele procedure tussen Van Holstein en Teco
In een incidentele procedure verzocht Van Holstein de rechtbank om Teco c.s. te verplichten aanvullende stukken te overleggen ter onderbouwing van hun conclusie van antwoord, met een beroep op de artikelen 21 en 22 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). Van Holstein stelde dat Teco c.s. niet voldeed aan de productieplicht, waardoor zij niet kon vaststellen of de gevolgtrekkingen van Teco c.s. juist waren.
Teco c.s. betwistte de vordering en gaf aan dat zij zich niet beroept op stukken die niet reeds in het geding zijn gebracht, behalve de overeenkomst van rekening-courant. De rechtbank oordeelde dat Van Holstein niet had aangegeven welke stukken zij precies wilde laten overleggen en dat bovendien niet was gebleken dat deze stukken beschikbaar waren.
De rechtbank concludeerde dat er geen reden was om Teco c.s. te bevelen nadere stukken te overleggen in dit stadium van de procedure. De vordering werd daarom afgewezen. De uitspraak over de proceskosten werd gereserveerd tot de einduitspraak in de hoofdzaak. De zaak werd verwezen naar de rolzitting voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het verzoek van Van Holstein om Teco c.s. te bevelen aanvullende stukken te overleggen is afgewezen.