ECLI:NL:RBROT:2006:AX8958
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.F.C. Francken
- D.C.J. Peeck
- J. den Boer
- Rechtspraak.nl
Weigering tweede vestiging Holland Casino in Rotterdam en Amsterdam bevestigd
Holland Casino en de gemeenten Rotterdam en Amsterdam hebben beroep ingesteld tegen de weigering van de Minister van Justitie om een tweede vestiging van Holland Casino in Rotterdam en Amsterdam toe te staan. De rechtbank heeft het geschil behandeld waarbij onder meer de wetsgeschiedenis van de Wet op de kansspelen (Wok) en het bijbehorende spreidingsbeleid centraal stonden.
De rechtbank overweegt dat uit de wetsgeschiedenis van het vervallen artikel 27p van de Wok blijkt dat de wetgever destijds beoogde dat per gemeente niet meer dan één speelcasino kan worden gevestigd. Voor de huidige artikelen 27h en 27i van de Wok volgt dit echter niet zonder meer. De rechtbank concludeert dat de huidige wetstekst op zichzelf niet in de weg staat aan een tweede vestiging, maar dat verweerder een discretionaire bevoegdheid heeft om op basis van het restrictieve kansspelbeleid en het spreidingsbeleid de weigering te handhaven.
De rechtbank oordeelt dat verweerder redelijk heeft gehandeld door de weigering te handhaven, omdat het spreidingsbeleid gericht is op goede regionale verspreiding en het tegengaan van concentratie in de Randstad. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die tot afwijking van dit beleid nopen. De beroepen van Holland Casino en de gemeenten worden ongegrond verklaard, met uitzondering van een procedureel punt over het niet beslissen op een bezwaar van het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam, waarvoor het besluit wordt vernietigd en het bezwaar niet-ontvankelijk wordt verklaard.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de weigering van een tweede vestiging van Holland Casino in Rotterdam en Amsterdam en verklaart de beroepen ongegrond, met uitzondering van een procedureel punt over een bezwaarbeslissing.