ECLI:NL:RBROT:2006:AY6637
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L.J. van Die
- Rechtspraak.nl
Huurrecht halve zolder blijft behouden na appartementsplitsing en veilingverkoop
In deze zaak staat centraal of de huurder van een halve zolder na de splitsing van een pand in appartementen en een daaropvolgende veilingverkoop van het appartement zijn huurrecht behoudt. De kantonrechter stelt vast dat de huurovereenkomst niet is opgezegd of ontbonden en dat het huurrecht volgens artikel 7:226 BW Pro overgaat op de opvolgende eigenaar.
Ondanks dat de splitsingsakte zonder vergunning is opgesteld, leidt dit niet tot nietigheid van de splitsing of de overdracht van het appartementsrecht. De eigenaar van het appartement, thans [gedaagde], is daarom ook de verhuurder en dient het huurrecht van eiser te respecteren.
De kantonrechter wijst de vorderingen tegen eerdere eigenaren af omdat zij geen beschikkingsmacht meer hebben. Tevens wordt een dwangsom opgelegd aan de verhuurder om de zolder binnen vijf dagen ter beschikking te stellen. De vorderingen tot schadevergoeding worden aangehouden wegens onvoldoende onderbouwing door eiser. De kosten van het geding worden aan de in het ongelijk gestelde partijen opgelegd.
Uitkomst: De huurder behoudt het huurrecht op de halve zolder en de verhuurder wordt veroordeeld deze binnen vijf dagen ter beschikking te stellen.