ECLI:NL:RBROT:2006:AY7035
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over eigendomsrecht van schilderij na onrechtmatige overdracht
De Stichting Mariënstaete vordert de eigendom van een schilderij terug, dat in 1996 onvrijwillig uit haar bezit is geraakt doordat een medewerker het zonder toestemming aan een handelaar overdroeg. De handelaar werd in kort geding veroordeeld tot teruglevering, maar het schilderij kwam vervolgens via meerdere partijen in bezit van anderen.
De rechtbank onderzoekt of Mariënstaete tot het moment van overdracht rechthebbende was en of de verkrijgers te goeder trouw waren en het schilderij anders dan om niet hebben verkregen. Mariënstaete betwist de goede trouw en echtheid van de verkoopbewijzen, terwijl de gedaagden stellen dat zij te goeder trouw zijn en het schilderij hebben verkregen.
De rechtbank oordeelt dat het wettelijk vermoeden van eigendom en goede trouw geldt, maar dat Mariënstaete het bewijs mag leveren dat sprake is van schijnverkoop of kwade trouw. Voor het bewijs van deze feiten worden getuigenverhoren toegestaan. De vorderingen in conventie worden voorlopig toegewezen voor zover de goede trouw niet wordt aangetoond, en in reconventie wordt verdere beslissing aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van Mariënstaete toe voor zover de goede trouw van de verkrijgers niet wordt aangetoond en staat bewijslevering toe.