ECLI:NL:RBROT:2006:AZ1008
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rutten
- Edgar
- Koningsveld
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf wegens nalatig opbergen geladen vuurwapen met ernstig letsel kind
Op 7 februari 2006 heeft de toen 7-jarige zoon van de verdachte met een geladen pistool, dat onveilig was opgeborgen in een kast in de kinderkamer, op zijn 5-jarige zusje geschoten. Het slachtoffer liep ernstig lichamelijk letsel op aan onder meer de nier, darm en lever, met potentieel dodelijke gevolgen.
De rechtbank oordeelt dat verdachte en zijn echtgenote zeer onvoorzichtig, nalatig en onachtzaam hebben gehandeld door het geladen vuurwapen in een niet-afgesloten kast in de kinderkamer te plaatsen, binnen het bereik van hun kinderen. Dit handelen is in strijd met artikel 308 Sr Pro en de Wet wapens en munitie. Het verweer dat het handelen van verdachte overeenkomt met dat van een gemiddeld mens wordt verworpen.
De rechtbank houdt rekening met het feit dat verdachte niet eerder is veroordeeld en met zijn persoonlijke omstandigheden, waaronder het gezinsdrama en zijn verantwoordelijkheden als ondernemer. Daarom wordt een lagere straf opgelegd dan geëist.
De rechtbank veroordeelt verdachte tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden met een proeftijd van 2 jaar, en een taakstraf van 120 uur. Bij niet-nakoming wordt de taakstraf vervangen door 60 dagen gevangenisstraf.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden en een taakstraf van 120 uur wegens nalatig opbergen van een geladen vuurwapen waardoor ernstig letsel ontstond.