ECLI:NL:RBROT:2006:AZ1823
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van de Grampel
- De Winkel
- Mantel - Duetz
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens incest en mishandeling met toewijzing schadevergoeding
De rechtbank Rotterdam heeft verdachte veroordeeld voor het meermalen plegen van incest met zijn minderjarige dochter gedurende een periode van ruim negen jaar en voor mishandeling van zijn ex-vrouw. Het bewijs bestond uit gedetailleerde verklaringen van het slachtoffer, dagboekpassages en een deels bekennende verklaring van verdachte. De rechtbank verwierp het verweer dat sprake zou zijn van hervonden herinneringen of een samenspanning tegen verdachte.
De rechtbank oordeelde dat verdachte een grove inbreuk heeft gemaakt op de lichamelijke integriteit en persoonlijke levenssfeer van zijn dochter, met blijvende ernstige psychische gevolgen voor het slachtoffer. Daarnaast werd vastgesteld dat verdachte zijn ex-vrouw tijdens een ruzie zodanig heeft geduwd dat zij ten val kwam en letsel opliep.
De gedragsdeskundigen van het Pieter Baan Centrum concludeerden dat verdachte volledig toerekeningsvatbaar is en een narcistische persoonlijkheidsproblematiek vertoont zonder aanwijzingen voor een seksuele stoornis of impulscontrolestoornis. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 36 maanden op, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
De vordering van het slachtoffer tot schadevergoeding werd toegewezen voor een bedrag van €10.000 als voorschot, terwijl een andere vordering werd afgewezen wegens onvoldoende verband met het bewezen verklaarde feit. Verdachte werd veroordeeld in de kosten van het slachtoffer en de tenuitvoerlegging van de straf.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, en toewijzing van €10.000 schadevergoeding aan het slachtoffer.