ECLI:NL:RBROT:2006:AZ2985
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.J.A.M. Ahsmann
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering Esso wegens onaanvaardbaarheid exoneratiebeding bij tankpasfraude
Esso Nederland B.V. vorderde betaling van €33.764,87 plus kosten van [gedaagde] voor brandstofleveringen via een tankpas die door fraude was gebruikt. Esso stelde dat de algemene voorwaarden van toepassing waren, waarin aansprakelijkheid voor misbruik door derden was uitgesloten.
[gedaagde] betwistte de vordering, stelde dat hij de brandstof niet had afgenomen en dat fraude met duplicaten van de tankpas buiten de overeenkomst viel. Tevens voerde hij aan dat het exoneratiebeding onredelijk bezwarend en onaanvaardbaar was, omdat Esso onvoldoende had gewaarschuwd en beveiligd tegen fraude.
De rechtbank oordeelde dat de tankpassen frauduleus waren gebruikt en dat de pincode bij de transacties was toegepast, maar dat uit het ontbreken van bewijs van onzorgvuldig gebruik door [gedaagde] volgde dat hem geen verwijt kon worden gemaakt. Esso had onvoldoende maatregelen genomen na bekendheid met fraude, waardoor het beroep op het exoneratiebeding onaanvaardbaar was.
Daarom wees de rechtbank de vordering van Esso af en veroordeelde Esso in de proceskosten van [gedaagde].
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van Esso af wegens onaanvaardbaarheid van het exoneratiebeding bij tankpasfraude.