ECLI:NL:RBROT:2006:AZ3031
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Vrijheid van meningsuiting bij politieke uitlating over islamisering en nazi’s
In deze zaak vorderen de Vereniging Islam Democraten en haar lijsttrekker een verbod op een verkiezingsspotje van EénNL waarin een vergelijking wordt gemaakt tussen het wegkijken van de gevestigde orde in de jaren dertig bij de opkomst van de nazi’s en de huidige islamisering. Eisers voelen zich hierdoor beledigd en in hun eer aangetast.
De voorzieningenrechter overweegt dat de uitlating is gedaan in het kader van een politiek debat voorafgaand aan de Tweede Kamerverkiezingen. Hoewel de vergelijking beladen en begrijpelijk kwetsend kan zijn, wordt deze gezien als een politieke mening die valt onder de vrijheid van meningsuiting zoals gewaarborgd in de Grondwet en internationale verdragen.
De rechtbank stelt vast dat de uitlating niet direct gericht is tegen de eisers persoonlijk, noch tegen de islam als religie, maar tegen het maatschappelijke fenomeen islamisering. Er is onvoldoende grond om de uitlating onrechtmatig te achten. De vorderingen worden daarom afgewezen en eisers worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verbod op de uitlating af en veroordeelt eisers in de proceskosten.