ECLI:NL:RBROT:2006:AZ3038
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering bodemverontreiniging en toewijzing proceskostenveroordeling wegens nodeloze kosten
De zaak betreft een civiele procedure tussen Posterholt B.V. en Fortis Bank Nederland N.V. Posterholt vordert betaling wegens schade door bodemverontreiniging op een in 1991 verkocht bouwterrein. Fortis voert verweer dat zij niet de juiste partij is, omdat de verkopende partij een andere rechtsvoorganger was.
De rechtbank oordeelt dat Posterholt de stelling van Fortis dat de verkeerde partij is gedagvaard niet heeft betwist, noch formeel noch tijdens comparitie. Hierdoor is de vordering van Posterholt niet toewijsbaar en wordt zij in het ongelijk gesteld. Fortis wordt in het gelijk gesteld en Posterholt wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
In reconventie vordert Fortis vergoeding van kosten die zij heeft gemaakt door het onnodig voeren van inhoudelijk verweer en comparitie, nadat zij Posterholt had gewezen op de verkeerde partij. De rechtbank acht Posterholt onzorgvuldig en veroordeelt haar tot betaling van €4.000 aan Fortis, inclusief proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van Posterholt af en veroordeelt haar tot betaling van proceskosten en een vergoeding van €4.000 aan Fortis wegens nodeloze kosten.