ECLI:NL:RBROT:2007:AZ8546
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betalingsvordering en verrekening bij geschil over kwaliteit geleverde werkstukken
In deze civiele zaak vordert eiser betaling van drie facturen voor verrichte werkzaamheden, terwijl gedaagde betaling betwist met een beroep op verrekening wegens vermeende gebreken aan de geleverde werkstukken.
De rechtbank stelt vast dat gedaagde de verschuldigdheid van de facturen niet betwist, maar zich beroept op verrekening met schade. Echter, gedaagde heeft niet binnen bekwame tijd geklaagd over de gebreken, waardoor het beroep op verrekening faalt.
Voorts is de stelling van gedaagde dat eiser na 28 februari 2005 geen garantie- en herstelwerkzaamheden meer wilde verrichten niet aannemelijk, mede gelet op correspondentie waaruit blijkt dat gedaagde zelf geen basis meer zag voor verdere samenwerking.
De vordering van gedaagde tot schadevergoeding wegens ondeugdelijkheid van werkstukken wordt afgewezen wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing.
De rechtbank veroordeelt gedaagde tot betaling van het gevorderde bedrag, wettelijke rente vanaf 24 juni 2005 en incassokosten, en wijst de vorderingen van gedaagde in reconventie af.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van facturen met rente en incassokosten; schadevergoedingsvorderingen worden afgewezen.