ECLI:NL:RBROT:2007:AZ9190
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek getuigenverhoor in Frankrijk onder Bewijsverordening
In deze civiele zaak tussen een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid en de Franse vennootschap Primar S.A.R.L. heeft de rechtbank Rotterdam een verzoek behandeld om een getuige onder toepassing van de Bewijsverordening nr. 1206/2001 in Frankrijk te horen.
De rechtbank overweegt dat het in het algemeen de voorkeur geniet dat getuigen worden gehoord door de rechter die over het geschil beslist. Hoewel de getuige aangeeft niet in staat te zijn naar Rotterdam te komen vanwege veelvuldig onderweg zijn en het moeilijk kunnen aangeven van verhinderingen, wegen de belangen van partijen en het belang om het getuigenverhoor spoedig voort te zetten en kosten te beperken zwaarder.
De rechtbank concludeert dat het bezwaar van de getuige niet zodanig is dat het verzoek kan worden ingewilligd, mede omdat de reistijd naar Frankrijk ook niet onoverkomelijk is. Daarom wordt het verzoek afgewezen en bepaalt de rechtbank dat de getuige in Nederland zal worden gehoord. De eiseres wordt verzocht data op te geven waarop de getuige en alle betrokkenen beschikbaar zijn, waarna het verhoor zal worden gepland.
Uitkomst: Het verzoek om de getuige in Frankrijk te horen wordt afgewezen en de getuige zal in Nederland worden gehoord.