ECLI:NL:RBROT:2007:BA6208
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.N. Van Zelm van Eldik
- P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten
- M. Fiege
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechters in familierechtelijke zaak over gezinsvoogdij
In deze zaak heeft verzoekster een wrakingsverzoek ingediend tegen drie rechters van de meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam, die betrokken waren bij de behandeling van een verzoek tot vervanging van een gezinsvoogdij-instelling. Verzoekster stelde dat de rechters partijdig waren omdat zij eerst het verzoek van de Stichting tot weigering van bijstand door de gemachtigde behandelden, hoewel haar eigen verzoek eerder was ingediend.
Daarnaast voerde verzoekster aan dat de rechters onjuist hadden gehandeld door een zitting die met gesloten deuren was begonnen, in het openbaar voort te zetten zonder een nieuwe zittingsdatum te bepalen, waardoor de openbare behandeling niet daadwerkelijk openbaar was. De rechters ontkenden partijdigheid en lichtten toe dat de volgorde van behandeling een logische keuze was om een patstelling te voorkomen.
De rechtbank oordeelde dat er geen zwaarwegende aanwijzingen waren voor vooringenomenheid of objectieve partijdigheid. De beslissing over de volgorde van behandeling was rationeel en vooruitliep niet op de inhoudelijke beoordeling. Ook werd geoordeeld dat het niet uitvoeren van de openbare behandeling geen grond was voor een gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.
Daarom werd het wrakingsverzoek ongegrond verklaard en afgewezen. De beslissing werd uitgesproken door de voorzitter en twee rechters van de meervoudige kamer, in aanwezigheid van de griffier.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters wordt afgewezen wegens het ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor partijdigheid.