ECLI:NL:RBROT:2007:BA6721
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Groen
- Mul
- Dingemanse
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijk gebruik van valse manurenstaten in bedrijfsadministratie
De rechtbank Rotterdam heeft op 26 januari 2007 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een verdachte die ervan werd verdacht valse manurenstaten te hebben opgenomen in de administratie van een bedrijf. De tenlastelegging betrof het opzettelijk gebruik van deze valse geschriften, bedoeld als bewijs van gewerkte uren, in strijd met artikel 225 van Pro het Wetboek van Strafrecht.
Tijdens de terechtzitting werd het verweer van de raadsvrouw dat het feit niet strafbaar zou zijn, verworpen. De rechtbank oordeelde dat het gebruik van de valse manurenstaten voldoende bewezen was en dat de verdachte zich bewust was van het verwijt. De feiten betroffen meerdere weken in 2001 en 2002 waarin valse urenstaten werden gebruikt om de administratie te manipuleren.
De rechtbank stelde vast dat het handelen van de verdachte mede leidde tot financieel nadeel voor de fiscus en de samenleving, en dat hiermee ook illegale arbeidsdeelname werd gestimuleerd. Gezien de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het werd gepleegd en de persoonlijke situatie van de verdachte, werd een gevangenisstraf van drie maanden opgelegd waarvan de uitvoering werd uitgesteld onder voorwaarden, gecombineerd met een werkstraf van 120 uur.
De straf heeft vooral een preventief karakter om herhaling te voorkomen. De verdachte werd vrijgesproken van andere ten laste gelegde feiten die niet bewezen konden worden. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf voorwaardelijk met proeftijd en 120 uur werkstraf wegens opzettelijk gebruik van valse manurenstaten.