ECLI:NL:RBROT:2007:BA7716
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.F.L.M. van der Grinten
- M.C. van der Kolk
- D.C. van Reekum
- Rechtspraak.nl
Afwijzing van het verzoek tot wraking van de voorzieningenrechter in civiele kortgedingprocedure
In deze zaak heeft verzoeker driemaal geprobeerd de voorzieningenrechter in een civiele kortgedingprocedure te wraken. Het eerste verzoek werd afgewezen, het tweede en derde verzoek werden niet-ontvankelijk verklaard omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden werden aangevoerd. Verzoeker stelde dat de rechter onjuist had gehandeld en gelogen had over de volgorde van gebeurtenissen en haar connectie met Loyens & Loeff, een voormalig kantoor waar ook een notaris werkzaam was die betrokken was bij de zaak.
De wrakingskamer heeft het griffiedossier en aanvullende faxberichten van verzoeker bestudeerd en geoordeeld dat het derde verzoek geen nieuwe gronden bevatte die nog niet bij eerdere verzoeken waren aangevoerd. De rechtbank concludeerde dat verzoeker misbruik maakte van het wrakingsmiddel en bepaalde dat een volgend wrakingsverzoek niet in behandeling wordt genomen.
De beslissing werd genomen door de meervoudige kamer voor wrakingszaken van de rechtbank Rotterdam op 31 mei 2007, waarbij de voorzitter en twee rechters betrokken waren. De rechtbank bevestigde dat het proces-verbaal van de zitting van 25 april 2007 naar waarheid was opgemaakt en dat de volgorde van gebeurtenissen correct was weergegeven.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking wordt afgewezen en een volgend verzoek wordt niet in behandeling genomen wegens misbruik van het wrakingsmiddel.