ECLI:NL:RBROT:2007:BB0583
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot doorgifte radiosignaal Radio Amigo na beëindiging overeenkomst wegens betalingsachterstand
BPR en UPC sloten een overeenkomst voor de analoge verspreiding van het radioprogramma Radio Amigo, die liep van 1 juli 2005 tot 1 juli 2007. BPR was herhaaldelijk in gebreke gebleven met het betalen van facturen aan UPC. UPC stuurde een aanmaningsbrief en kondigde aan de doorgifte van Radio Amigo te beëindigen bij uitblijven van betaling.
BPR vorderde in kort geding dat UPC het radiosignaal van Radio Amigo zou blijven doorgeven, stellende dat UPC onrechtmatig handelde door de overeenkomst eenzijdig te ontbinden. UPC verweerde zich met het standpunt dat de overeenkomst was geëindigd en dat zij niet verplicht was het signaal door te geven, mede omdat BPR ernstig in verzuim was.
De voorzieningenrechter overwoog dat de overeenkomst was geëindigd en dat UPC niet verplicht was het signaal door te geven, mede omdat het geen verplichte programma’s betrof en UPC binnen redelijke grenzen zelf kon bepalen welke aanvullende programma’s zij doorgaf. BPR had de situatie zelf veroorzaakt door betalingsachterstanden en kon via een andere omroep uitzenden.
Gelet op de belangenafweging woog het belang van UPC bij exploitatie van het netwerk zwaarder dan het belang van BPR bij doorgifte. De vordering werd daarom afgewezen en BPR werd veroordeeld in de proceskosten van UPC.
Uitkomst: De vordering van BPR tot doorgifte van het radiosignaal van Radio Amigo wordt afgewezen.