ECLI:NL:RBROT:2007:BB6083
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.F. Lubberink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontbindingsverzoek arbeidsovereenkomst wegens onvoldoende onderbouwd disfunctioneren werknemer
Een maatschap vordert ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werknemer wegens disfunctioneren. De werkgever stelt dat de werknemer herhaaldelijk niet naar behoren heeft gefunctioneerd, ondanks meerdere waarschuwingen en adviezen om ander werk te zoeken. De werknemer ontkent de aantijgingen en voert aan dat de feiten waarop het verzoek is gebaseerd gedateerd zijn.
De kantonrechter oordeelt dat de door de werkgever aangevoerde feiten onvoldoende zijn onderbouwd en dat de feiten uit 2004 en 2006 niet voldoen aan het vereiste van dadelijkheid voor ontbinding in 2007. Er is geen bewijs van recente disfunctionering en het is niet aannemelijk dat de werkgever voldoende heeft bijgedragen aan verbetering van het functioneren van de werknemer.
De arbeidsverhouding is weliswaar gespannen, maar niet zodanig dat ontbinding gerechtvaardigd is. De kantonrechter wijst het verzoek af en bepaalt dat partijen elk hun eigen proceskosten dragen.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en het ontbreken van recente feiten.