ECLI:NL:RBROT:2007:BB8739
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toelating tot maatschappelijke opvang vanwege precaire gezondheidstoestand
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor toelating tot maatschappelijke opvang op grond van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO), welke door de gemeente Rotterdam is geweigerd omdat opvang via een andere stichting werd geboden. Verzoeker moest deze opvang echter verlaten, waardoor hij zonder onderdak dreigde te komen.
Gezien de ernstige en complexe medische toestand van verzoeker, waaronder HIV, hepatitis en een posttraumatische stressstoornis, acht de voorzieningenrechter het aannemelijk dat het ontbreken van opvang de gezondheid verder zal verslechteren. De gemeente heeft onvoldoende gemotiveerd waarom er geen noodzaak zou zijn voor toelating tot maatschappelijke opvang.
De voorzieningenrechter overweegt tevens dat het weigeren van opvang mogelijk een schending van artikel 3 EVRM Pro inhoudt, gezien de precaire gezondheidstoestand van verzoeker en de noodzaak van onderdak om medische behandeling effectief te laten zijn. Daarom wordt de voorlopige voorziening toegewezen en wordt de gemeente veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Verzoeker krijgt per direct toegang tot maatschappelijke opvang vanwege zijn precaire gezondheidstoestand.