ECLI:NL:RBROT:2007:BB9255
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzekeringsgeschil na explosie in bedrijfspand met discussie over dekking goudsmederijactiviteiten
In deze zaak staat een geschil centraal tussen [eiseres], AON als makelaar en diverse verzekeraars over de dekking van schade veroorzaakt door een explosie in de kelder van het bedrijfspand van [eiseres]. De verzekeringsovereenkomst betreft een juwelierstotaalpolis die dekking biedt voor het juweliersbedrijf van [eiseres]. Na de explosie ontstond discussie of de goudsmederijactiviteiten in de kelder onder de dekking vielen, aangezien deze activiteiten niet expliciet waren gemeld.
Verzekeraars voeren aan dat de goudsmederijactiviteiten niet verzekerd zijn omdat deze niet in de polis zijn opgenomen en niet zijn gemeld, wat een schending van de verzekeringsvoorwaarden inhoudt. Zij beroepen zich op artikelen die melding van wijzigingen in activiteiten vereisen en op uitsluitingen bij opzettelijk veroorzaakte schade of merkelijke schuld. Tevens stellen zij dat de situatie in de kelder onveilig was en dat [eiseres] tekort is geschoten in haar zorgplicht.
AON stelt dat zij als makelaar heeft gehandeld volgens de norm van een redelijk bekwaam en handelend tussenpersoon en dat zij niet op de hoogte was van de goudsmederijactiviteiten in de kelder, noch dat zij daarvan op de hoogte had kunnen zijn zonder mededeling van [eiseres]. De rechtbank bepaalt dat verzekeraars het bewijs moeten leveren dat de goudsmederijactiviteiten bedrijfsmatig en in voldoende omvang werden uitgeoefend om dekking uit te sluiten. Tevens wordt een comparitie gelast om het bewijs en de stand van zaken in de civiele en strafrechtelijke procedures te bespreken.
De rechtbank wijst erop dat indien verzekeraars niet slagen in hun bewijs, de dekking voor de juweliersactiviteiten van kracht blijft. De vordering tegen AON wordt pas inhoudelijk beoordeeld als vaststaat dat er geen dekking is onder de polis. De procedure wordt aangehouden voor bewijslevering en verdere behandeling.
Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing aan voor bewijslevering over de aard van de activiteiten en de dekking onder de polis.