ECLI:NL:RBROT:2007:BC0235
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betalingsverplichting koper uit garantieovereenkomst na niet-financiering pand
De zaak betreft een geschil tussen de Nationale Borg-maatschappij en een koper die een pand wilde aankopen maar niet kon financieren vanwege bestaande leningen. De koper sloot een koopovereenkomst waarbij een bankgarantie van 10% van de koopsom (€13.000) werd gesteld via een garantieovereenkomst met de borgmaatschappij.
De borgmaatschappij betaalde op verzoek van de notaris het garantiebedrag aan de verkoper, waarna zij dit bedrag van de koper terugvorderde wegens diens tekortschieten in nakoming van de garantieovereenkomst. De koper voerde aan dat de borgmaatschappij onzorgvuldig en onrechtmatig had gehandeld door zonder overleg te betalen en dat er geen schade was aangetoond.
De rechtbank oordeelde dat de garantieovereenkomst duidelijk bepaalde dat de borgmaatschappij op eerste schriftelijk verzoek van de notaris moest betalen zonder nader onderzoek. De koper was gehouden het betaalde bedrag onmiddellijk terug te betalen en was daarmee in verzuim. De vordering tot betaling van het garantiebedrag, wettelijke rente en incassokosten werd toegewezen. De koper werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De koper is veroordeeld tot betaling van €15.202,89 aan de Nationale Borg-maatschappij wegens tekortschieten in de garantieovereenkomst.