ECLI:NL:RBROT:2007:BC1212
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling onbetaalde advocaatdeclaratie en bevoegdheid Raad van Toezicht
In deze civiele procedure vordert eiser, een advocaat, betaling van een onbetaalde declaratie van €18.269,53 plus rente en kosten. Gedaagde betwist de verschuldigdheid en voert aan dat het geschil over de declaratiehoogte moet worden voorgelegd aan de Raad van Toezicht (RvT) van de Orde van Advocaten.
De rechtbank stelt vast dat partijen een opdrachtrelatie hadden waarbij eiser werkzaamheden verrichtte in een arbeidsrechtelijk geschil. Partijen spraken af dat facturen zouden worden verzonden zodra gedaagde over voldoende middelen beschikte. Eiser stelt dat op 20 maart 2006 een afspraak is gemaakt over betaling van het bedrag, maar gedaagde ontkent dit. De rechtbank laat eiser toe bewijs te leveren van deze afspraak.
Indien eiser slaagt in de bewijslevering, wordt zijn vordering toegewezen; zo niet, dan verklaart de rechtbank zich onbevoegd wegens de exclusieve bevoegdheid van de RvT om declaraties te begroten. De vordering van gedaagde tot betaling van een voorschot wegens vermeende teveel betaalde bedragen wordt afgewezen, omdat dit aan de RvT toekomt. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Eiser moet bewijs leveren van betalingsafspraak; vordering gedaagde afgewezen wegens onbevoegdheid rechtbank over declaratiehoogte.