ECLI:NL:RBROT:2008:BC4356
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.F.L.M. van der Grinten
- W.J.J. Wetzels
- A.J.P. van Essen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens vermeende partijdigheid rechter in gezags- en omgangszaak
In een procedure betreffende wijziging van het ouderlijk gezag en omgang met minderjarige kinderen heeft verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter. Verzoeker stelde dat de rechter niet onpartijdig was omdat hij zijn verzoek tot uitstel van de zitting, vanwege het ontbreken van rechtskundige bijstand, had afgewezen en hem niet in staat stelde zijn argumenten volledig te uiten.
De wrakingskamer heeft het griffiedossier en het proces-verbaal van de zitting bestudeerd en de standpunten van partijen gehoord. De rechter heeft het verzoek tot wraking bestreden en aangegeven dat er geen grond is voor wraking.
De kamer overwoog dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er zwaarwegende aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid. De omstandigheden en het proces-verbaal boden geen aanwijzingen voor subjectieve of objectieve partijdigheid. De afwijzing van het uitstelverzoek was gerechtvaardigd gezien het spoedeisende belang en het late tijdstip van het verzoek. Het wrakingsverzoek werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen wegens gebrek aan aanwijzingen voor partijdigheid.