ECLI:NL:RBROT:2008:BC4609
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.F.L.M. van der Grinten
- W.J.J. Wetzels
- A.J.P. van Essen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter bestuursrecht rechtbank Rotterdam
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen een rechter van de sector bestuursrecht van de rechtbank Rotterdam, omdat zijn verzoeken tot het treffen van voorlopige voorzieningen niet ter zitting werden behandeld en hij meende dat de rechter partijdig was. De verzoeken betroffen bestuursrechtelijke voorlopige voorzieningen jegens de korpschef van de regiopolitie Rotterdam-Rijnmond en het college van burgemeester en wethouders van Lansingerland.
De rechtbank stelde dat er in de fase van het wrakingsverzoek nog geen behandelend rechter was aangewezen en dat het verzoek feitelijk gericht was tegen de binnen de sector gehanteerde behandelingssystematiek. De rechter had aangegeven dat sommige zaken waarschijnlijk niet ontvankelijk zouden worden verklaard wegens niet-betaling van griffierechten of het ontbreken van spoedeisend belang, en dat de rechtbank mogelijk onbevoegd was in een van de zaken.
De wrakingskamer oordeelde dat er geen aanwijzingen waren voor subjectieve of objectieve partijdigheid van de rechter. Het wrakingsverzoek werd afgewezen omdat het verzoeker zich richtte tegen de systematiek en niet tegen een concreet rechterlijk handelen. De kamer merkte op dat de administratieve screening van voorlopige voorzieningen mogelijk onder rechterlijk toezicht zou moeten plaatsvinden, gezien de gevolgen voor de behandeling van de zaak.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan concrete aanwijzingen voor partijdigheid.