ECLI:NL:RBROT:2008:BC6146
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E.F.C. Francken
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen informatieve voetnoot in vergunning AFM
De zaak betreft een bezwaar van eiser tegen een voetnoot in een vergunningbesluit van de AFM, waarin werd gewezen op de verplichting om vóór 1 oktober 2007 aanvullende diploma’s te behalen. De AFM had het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard omdat de voetnoot slechts een informatieve mededeling bevatte en geen besluit met rechtsgevolgen vormde.
Eiser stelde dat de voetnoot een voorwaarde was verbonden aan de vergunning en dat hij wel aan de deskundigheidseisen voldeed op grond van de eerdere Wet financiële dienstverlening. De rechtbank oordeelde echter dat de vergunning onvoorwaardelijk was verleend en dat de voetnoot geen onderdeel uitmaakt van het besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro.
Verder werd geoordeeld dat de mededeling in de voetnoot geen rechtsgevolg heeft en dat de AFM het bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard. De rechtbank wees ook het beroep van eiser af en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het niet-ontvankelijk verklaren van zijn bezwaar is ongegrond verklaard.