ECLI:NL:RBROT:2008:BC6230
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering Rabobank wegens borgtocht en kredietoverschrijding
De Rabobank vordert betaling van openstaande schulden en rente van gedaagde sub 1 en gedaagde sub 2, waarbij laatstgenoemde zich borg heeft gesteld voor maximaal € 100.000. Gedaagde sub 2 voert verweren aan zoals het ontbreken van borgstelling, vernietiging wegens dwaling, en schending van zorgplicht door de bank.
De rechtbank stelt vast dat gedaagde sub 2 de borgtocht-overeenkomst rechtsgeldig heeft ondertekend en als zakelijke borg moet worden beschouwd. De borgstelling is aangegaan ten behoeve van de normale bedrijfsuitoefening van gedaagde sub 1, waardoor toestemming van de echtgenote niet vereist is. Verweren betreffende zorgplicht, verrekening, en opschorting falen wegens onvoldoende onderbouwing.
De Rabobank heeft de vordering terecht opeisbaar gesteld na overschrijding van de kredietlimiet en het uitblijven van betaling. De vordering wordt toegewezen, waarbij gedaagde sub 1 en gedaagde sub 2 hoofdelijk aansprakelijk zijn, met beperking van aansprakelijkheid van gedaagde sub 2 tot € 100.000. Tevens worden beide veroordeeld in proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt gedaagde sub 1 en gedaagde sub 2 tot betaling van respectievelijk € 151.554,17 en € 100.000,-- vermeerderd met rente en proceskosten.