ECLI:NL:RBROT:2008:BC7414
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.F.L.M. van der Grinten
- A.N. van Zelm van Eldik
- D.C.J. Peeck
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter wegens onvoldoende aanwijzingen voor partijdigheid
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de kantonrechter van de rechtbank Rotterdam naar aanleiding van een zitting over een beroepschrift op grond van de Wet Administratieve Handhaving Verkeersvoorschriften. Verzoeker stelde dat de rechter vooringenomen was vanwege een opmerking over de houding van de rechterlijke macht in de Tweede Wereldoorlog en een vermeende desinteresse in zijn verweer.
De wrakingskamer heeft het dossier, inclusief het proces-verbaal van de zitting, bestudeerd en vastgesteld dat de kantonrechter zich weliswaar kritisch en krachtig heeft uitgelaten over de opmerking van verzoeker, maar dat deze reactie niet zodanig was dat hieruit partijdigheid kon worden afgeleid. Ook was er geen bewijs dat de rechter geen belangstelling meer had voor het verweer van verzoeker.
De kamer benadrukte dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die dit vermoeden weerleggen. De door verzoeker aangevoerde feiten boden geen zwaarwegende aanwijzingen voor subjectieve of objectieve partijdigheid. Het wrakingsverzoek is daarom ongegrond verklaard en afgewezen.
De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam en uitgesproken tijdens een openbare zitting op 19 maart 2008.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter is afgewezen wegens het ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor partijdigheid.