ECLI:NL:RBROT:2008:BD4037
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens ontbreken onrechtmatige daad en causaal verband gemeente Rotterdam
Eiser exploiteerde sinds 1993 een strandtent aan de kust van Rotterdam. Na een politie-inval in 2004, waarbij vuurwapens en verdovende middelen werden aangetroffen, werd de strandtent gesloten en vergunningen ingetrokken. Eiser wilde zijn strandtent verkopen, maar stelde dat de gemeente onrechtmatig had gehandeld door een te lange sluitingsduur te bepalen en onvoldoende medewerking te verlenen aan de verkoop, waardoor hij schade leed.
De rechtbank stelde vast dat de gemeente haar besluiten op wettelijke gronden had genomen en dat het Hoogheemraadschap van Delfland een belangrijke rol speelde in het vergunningenbeleid, met name voor het behoud van de waterkering en duinsysteem. De potentiële koper zag af van de koop vanwege beperkingen opgelegd door het Hoogheemraadschap, niet door handelen van de gemeente.
De rechtbank oordeelde dat de gemeente niet onrechtmatig had gehandeld en dat er geen causaal verband bestond tussen het gemeentelijk handelen en de schade van eiser. Ook de stelling van wanprestatie en strijd met redelijkheid en billijkheid werd verworpen wegens onvoldoende onderbouwing. De vordering werd daarom afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van eiser af wegens het ontbreken van een onrechtmatige daad en causaal verband met de gestelde schade.