ECLI:NL:RBROT:2008:BD6776
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Breevoort-de Bruin
- Sikkel
- Trotman
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak moord en doodslag, veroordeling voor drugshandel en onttrekken lijk aan nasporing
De rechtbank Rotterdam heeft verdachte vrijgesproken van de tenlastegelegde moord en doodslag op het slachtoffer, omdat geen doodsoorzaak kon worden vastgesteld en er geen causaal verband was tussen het toedienen van GHB en het overlijden. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte in de periode januari tot en met juli 2006 cocaïne en MDMA heeft verkocht en verstrekt.
Daarnaast werd bewezen verklaard dat verdachte samen met een medeverdachte het lijk van het slachtoffer heeft onttrokken aan de nasporing door het lichaam uit de woning te verwijderen, te vervoeren en te begraven met het oogmerk de doodsoorzaak te verhullen. De rechtbank oordeelde dat het handelen strafbaar was en veroordeelde verdachte tot 364 dagen gevangenisstraf en een werkstraf van 200 uur.
De rechtbank nam mee dat verdachte niet eerder was veroordeeld voor soortgelijke feiten en dat de straf passend was gelet op de ernst van de feiten en de persoonlijke omstandigheden. De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding omdat de doodsoorzaak niet was vastgesteld en er geen causaal verband was met het handelen van verdachte.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van moord en doodslag, veroordeeld tot 364 dagen gevangenisstraf en 200 uur werkstraf voor drugshandel en onttrekken lijk aan nasporing.