ECLI:NL:RBROT:2008:BD6977
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Fiege
- Rechtspraak.nl
Vordering tot vernietiging arbitraal vonnis over uitleg serieschadeclausule afgewezen
Tussen Schiphol en diverse verzekeraars ontstond een geschil over de uitleg en toepassing van een serieschade(n)clausule in CAR-verzekeringen, met name over hoe vaak het eigen risico in mindering moet worden gebracht bij meerdere schadegevallen.
Partijen hebben hun geschil voorgelegd aan drie scheidslieden die op 22 juni 2006 een arbitraal vonnis hebben gewezen. Verzekeraars vorderden vernietiging van dit vonnis op grond van verschillende vernietigingsgronden, waaronder schending van de arbitrale opdracht en strijd met de openbare orde.
De rechtbank overweegt dat terughoudendheid geboden is bij toetsing van arbitrale vonnissen en dat de gronden van verzekeraars onvoldoende zijn om het vonnis te vernietigen. De uitleg van de serieschadeclausule door arbiters, mede gebaseerd op het Wilma-advies, wordt bevestigd. Ook de feitelijke vaststellingen en motiveringen van arbiters over diverse schadegevallen worden door de rechtbank niet als onrechtmatig of onvoldoende gemotiveerd beoordeeld.
De rechtbank wijst de vordering tot vernietiging van het arbitraal vonnis af, veroordeelt de verzekeraars in de proceskosten en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot vernietiging van het arbitraal vonnis af en veroordeelt de verzekeraars in de proceskosten.